De waterkeringbeheerder moet voor zijn inspectie een inspectieplan uitwerken. Bij het verwerken van de inspectiegegevens interpreteert hij de waarnemingen op basis van de Digigids.

We gaan onderstaand in op:

  • Het inspectieplan
  • Uitvoering van de inspecties
  • Van inspectie naar beoordeling
  • Schades horen niet in de beoordeling, tenzij…
  • De mogelijkheid van het inzetten van drones
Inspectie boezemkade Grecht

Inspectie boezemkade Grecht (HDSR)

Inspectieplan

De waterkeringbeheerder voert inspecties uit om de feitelijke toestand van zijn objecten te onderzoeken. Volgens de Handreiking Inspecties Waterkeringen 2012 moet de waterkeringbeheerder in het inspectieplan bepaalde informatie van zijn grasbekleding beschrijven. In onderstaande tabel geven we een overzicht van deze vereisten, een toelichting daarop en een mogelijke uitwerking daarvan. De getallen in de eerste kolom verwijzen naar het paragraafnummer in die Handreiking.

Standaard inspectieplan STOWA

Standaard inspectieplan STOWA

Handreiking Inspectie Toelichting Uitwerking 
Te inspecteren waterkeringen (2.1) Welk areaal grasbekleding? GIS-kaart met ligging grasbekleding, vlakinformatie met beheercategorie, type gras, streefbeelden, functie-eisen, onderhoudsvorm, contractanten e.d. (zie beheer algemeen)
De informatiebehoefte (2.2) Welke informatie over de grasbekleding heeft hij nodig voor zijn bedrijfsprocessen? Inspectiegegevens Digigids

Monitoringsgegevens WBI

Monitoringsgegevens beheerdoelen.

Schouwresultaten

Het type inspectie (2.3) Met welke inspecties van de grasbekleding verkrijgt hij inzicht? Globale inspectie (dagelijks)

Gedetailleerde inspectie bekleding (jaarlijks)

Monitoring (programma’s)

De planning van de inspecties (2.4) Wanneer voert hij inspecties uit rekening houdend met de situatie van de grasbekleding? Meerjarenplanning
De wijze van waarnemen (3.2) Wie voert op welke wijze de inspecties uit? Inspecteur, ecoloog

Te voet, rijdend

Remote sensing, drones

De benodigde gegevens (3.3) Wat heeft een inspecteur nodig om zijn werk te kunnen uitvoeren? Areaalgegevens

Selectie uit de informatiebehoefte per type inspectie

Vastleggen en verwerken van de gegevens (3.4) Op welke wijze legt de inspecteur de gegevens van de grasbekleding vast? Digitaal met formulieren en beeldmateriaal.

Specialistische programma’s zoals TurboVeg.

Periode van uitvoering (3.5) Specifieke invulling van 2.4.
De werkwijze van diagnose (4.1) Op welke wijze interpreteert en beoordeelt de beheerder de inspectiegegevens van de grasbekleding? Onderscheid in standaard maatregelen en maatwerk.

Beschikbaarheid van eerder ingewonnen gegevens of onderliggende basisinformatie.

De werkwijze van prognose (5.1)  Idem voor de verwachte toekomstige ontwikkelingen Idem.
Het operationaliseren (6) Op welke wijze neemt de beheerder maatregelen als de feitelijke situatie niet voldoet aan de vereisten? zie [Infram, 2017]

Uitvoering inspectie

Om het onderhoud tijdig en toegespitst te kunnen uitvoeren dient er regelmatig geïnspecteerd te worden. Bijvoorbeeld:

  • vanaf april- eind oktober, om de 2 à 3 weken (frequentie laten afhangen van weersomstandigheden en type beheer. Kennis en ervaring en groei van gras speelt hierbij een grote rol)
  • vanaf november- half maart, 1x per maand (extra inspectie na hevige regenval en/of storm in verband met erosie).
  • Het betreft een visuele inspectie waarbij de bedekking globaal geschat moet worden bij lopen over de grasbekleding. Tijdens de voorjaarsschouw dient de bedekking te worden vastgelegd en dient bij onvoldoende bedekking een onderhoudsstrategie gekozen te worden om de bedekking te verbeteren. De overige inspecties dienen er op gericht te zijn om veranderingen in bedekking te constateren, effectiviteit van herstelmaatregelen te monitoren en indien nodig aanvullende maatregelen te treffen.
  • Geadviseerd wordt direct na maaien te inspecteren omdat dan de dichtheid van de begroeiing goed zichtbaar is.

[Infram, 2017]

Inspectie ondergrond (WSRL)

Inspectie ondergrond (WSRL)

Van inspectie naar beoordeling

De informatiebehoefte (Handreiking par. 2.2) bestaat voor een deel uit de parameters uit de Digigids > Grasbekleding> element Gras. Daarin staan alle schades opgesomd die voor de inspectie nodig zijn. Deze schades zijn visueel waar te nemen.

De schades kunnen we globaal indelen in drie groepen (we gebruiken de parameterlijst versie 2016):

  1. Parameters in de vorm van schades die de beheerder door onderhoud kan herstellen.
  2. Parameters die meer binnen beheerproces thuishoren. De waterkeringbeheerder kan, om dit probleem aan te pakken, binnen zijn beheer- of onderhoudsstrategie iets aanpassen.
  3. Parameters die een kwaliteit weergeven, te gebruiken voor de beoordeling van de bekleding. Of voor het monitoren van beleidsdoelstellingen.

Zie ook Schades horen niet in de beoordeling, tenzij …

Groepering Digigids naar processpoor

Groepering Digigids naar processpoor

Inzet van drones

Veel waterkeringbeheerders onderzoeken zelf, of zijn benieuwd naar de mogelijkheden om drones in te zetten voor inspecties of het beoordelen van de grasbekleding.

Onderzoek in opdracht van een aantal waterschappen en STOWA in 2017 heeft geleid tot een rapport. Daarin worden enkele voorzichtige conclusies getrokken omdat het een beperkt onderzoek was qua middelen en omvang.

Dit rapport komt eind april 2018 beschikbaar, dan zullen we de conclusies delen via deze handreiking.