De beheerder heeft de mogelijkheid om bemesting toe te passen als een herstelmaatregel. Die valt buiten de mestboekhouding.

 

Meststoffenwet

De meststoffenwet stelt grenzen aan de hoeveelheid meststoffen die op een bedrijf in de bodem mogen worden gebracht. De grenzen voor dierlijke meststoffen zijn ontleend aan de Europese Nitraatrichtlijn. De overheid kan niet rechtstreeks controleren of een bedrijf zich aan de gebruiksnormen houdt. Bedrijven moeten daarom in hun administratie de mestboekhouding, vastleggen hoeveel dieren ze houden en welke meststoffen op hun land zijn gebracht of hoeveel mest van het bedrijf is afgevoerd.

 

Mestboekhouding

Agrariërs die doormiddel van een pachtovereenkomst met de waterkeringbeheerder de waterkering in gebruik hebben, hebben onder voorwaarden de mogelijkheid om dijken op te voeren in de mestboekhouding bij actieve bemesting. De toestemming voor, of verbod op bemesten is beleidsmatig vastgelegd in de keur en wordt ook zodoende door keurcontroles gehandhaafd. Wanneer er op de waterkering geen bemesting is toegestaan, wordt dit in de verschillende contractvormen met betrekking tot beheer en onderhoud vermeld. Wanneer beweiding is toegestaan, is de natuurlijke dierlijke bemesting door de grazers toegestaan. Voor verder bepalingen, zie de webpagina van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland over de Registratie Waterkering 2019.

Vanwege de verantwoordelijkheid van het waterschap om de oppervlaktewaterkwaliteit te waarborgen is bemesting van de waterkeringen vaak niet toegestaan om uitspoeling naar het oppervlaktewater te voorkomen. Daarnaast is het onwenselijk om drijfmest middels injectie in te brengen in de graszode op waterkeringen. Hiermee wordt de graszode en wortels in verticale richting doorsneden en dit komt de sterkte van de zode niet ten goede, ondanks dat bij een golfoverslagproef in Wissekerke onder die omstandigheden die zode niet noemenswaardig beschadigde. De overvloed aan meststoffen stimuleert de planten ook niet een sterk wortelstelsel te ontwikkelen.